Ruud en Bien in Indonesie travel blog

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


We zijn toeristen en ook al draag ik dan geen korte broek we gaan toch “all the way”. Gisteren heb ik een Javaans petje gekocht en dat ging op vandaag. De zon scheen meedogenloos en we hebben een hele tocht gemaakt met een fietstaxi, de becak. Eentje per persoon want die Belanda's zijn aardig zwaar. Onze reisleider had ons gerustgesteld dat het geen gemotoriseerde becaks waren die je veel ziet maar dat ze gewoon op spierkracht werden aangedreven. Niet de onze vanzelfsprekend. We zijn een deel van Jogjakarta doorgefietst en omdat je vóór de chauffeur in een soort bakje zit, zie je heel goed waarom je hier zelf nooit moet gaan rijden. Al is het dan een wat rustiger stadje, de chaos is hier even groot in het spitsuur omdat niemand zich aan enige verkeersregel houdt, behalve het verkeerslicht. Er is dus nog hoop, maart ik zou er niet aan beginnen.

Als je in Jogjakarta bent dan is een bezoek aan het Kraton, het paleis van de sultan, een must. Het sultanaat bestaat nog steeds, al woont de huidige sultan niet meer in dit paleis. We werden zeer vriendelijk ontvangen door een kwieke heer van bijna 80 die perfect ouderwets Nederlands sprak wat hij ongetwijfeld ooit op school moet hebben geleerd. Allerlei prachtige Nederlandse uitdrukkingen passeerden de revue. ”Oost west thuis best” en ga zo maar even door. We kregen sterk de neiging om woorden als “mieters” te gaan roepen. Het paleis staat in teken van de vader van de huidige sultan. Onze gids zei dat zijn naam te moeilijk was om uit te spreken en noemde hem steeds Henkie de negende. De huidige sultan is Henkie de tiende. Overal in het prachtige paleis hingen foto’s en memorabilia van Henkie de negende. Hij blijkt in Leiden te hebben gestudeerd en lid te zijn geweest van Minerva. Al stond er in één onderschrift dat het de universiteit van Haarlem was, maar dat zijn details. We zagen foto’s van Henkie als padvinder met Nederlandse maatjes en zagen zijn KNIL uniform hangen en een hele kast met militaire onderscheidingen uit het Koninklijke Nederlandsche Indische Leger. Maar we zagen ook een foto van Henkie in 1949 met Soekarno, die met de Nederlanders de soevereiniteitsoverdracht tekent. Toen stond hij duidelijk aan de kant van de Indonesiërs. Hij was zelfs minister van defensie. We zagen later nog veel meer foto’s van Henkie met Soekarno en met Soeharto. Dat was toch echt het nieuwe regime. We vroegen aan onze kwieke heer hoe dat zat. “Hij zag in 1945 de bui hangen en koos eieren voor zijn geld" zei hij. Aha, die hoefde dus niet op de boot naar Nederland in 1949. Eens een vorst altijd een vorst. Het paleis is overigens echt prachtig en zeer ruim opgezet. Je ziet overal ruimtes waar muziek en theatervoorstellingen worden gehouden en die ruimtes worden daarvoor nog steeds dagelijks gebruikt. Overal vindt je nog de Nederlandse taal terug, al moet je soms wel wat zoeken. Maar als je een Friese staartklok ziet hangen dan weet je als Nederlander wel hoe laat het is. Ook veel Delfblauw porselein een Makkums aardewerk.

Na de geschiedenisles werden we naar een werkplaats gefietst waar stoffen met de batiktechniek werden bewerkt. De katoenen en zijden stoffen werden eerst met de hand ingetekend en soms gestempeld. Het aantal uren arbeid dat in dit proces gaat zitten is schokkend om te zien. Wat een gepriegel voor één tafelkleed. Het houdt niet op. Intekenen, verven, waxbaden, het houdt niet op. Het eindresultaat is wel mooi en je ziet het verschil wel met gedrukte batikdoeken. Toen de rondleiding achter de rug was, liepen we richting uitgang door een winkelgedeelte. Dat liep even anders omdat Bien met twee andere dames in de shop echt hun slag wilden slaan en alle mannen uit de groep en een paar uitgeshopte dames dames, uitgebreid koffie kregen aangeboden en flesjes water om de pijn van het wachten te verzachten.

Terug naar onze fietstaxi’s om naar een werkplaats te gaan waar ze Wajangpoppen maken. We kregen eerst een wat technische uitleg over hoe ze die poppen prikken met fietsspaken en ik was al bang dat we zelf er eentje in elkaar zouden moeten gaan fröbelen. Dat viel mee. De eigenaar zelf kwam ons de symboliek achter de Wajangpop uitleggen. Veel Hindoe symboliek. Iedere pop staat voor een andere god. Hij ging er lekker diep op in. Hij sprak over de noodzakelijke balans tussen het hoofd, het hart en het gevoel dat je terug ziet in de symbolen boven, midden en onder op de wajangpop. Ja dat buikgevoel dat herkenden wij wel. Ik begreep uit zijn lange verhaal dat zijn eigen vrouw heel lelijk is en dat hij toch van haar houdt omdat ze in balans is. “Ja. dat willen we allemaal wel”, riepen wij in koor. De shop met Wajangpoppen kon helaas weinig aan onze groep kwijt. Snel naar buiten.

We namen afscheid van onze fietschauffeurs bij de vogeltjesmarkt van Jokja. Bien en ik hadden daar weinig zin in, dus lekker in de aircobus een boek gelezen tot de rest van de markt terug kwam. Daarna heerlijk geluncht in een prachtig restaurant midden in de jungle met Bintang Bier. Zonder sluier deze keer.

Toen op weg naar Prambanan, een hindoeïstische tempel waarvan nog maar een paar torens overeind staan vanwege instortingen door aardbevingen. Omdat niemand over de oude tekeningen schijnt te beschikken blijkt het niet eenvoudig om alles, net als bij de Burobodur, weer in elkaar te zetten. Ze zullen nog jaren moeten blijven puzzelen want er liggen heel wat brokstukken her en der verspreid. Maar er blijft nog genoeg over om je in het zweet te klimmen. Met name de hoge torens waar je met veel inspanning in de hitte naar toe klimt omdat daar in het pikke donker beelden van goden zouden moeten staan, zou ik echt iedereen willen aanraden.

Al met al een lange dag en het uurtje terug in de bus heb ik weer op de achterbank doorgebracht waar ik mijn boek heb proberen te lezen, tot we ineens bij ons hotel waren aangekomen.

Entry Rating:     Why ratings?
Please Rate:  
Thank you for voting!
Share |